De fosfaat- en nitraatvervuiling is op verschillende plaatsen in de zeeën rond Europa verminderd, blijkt uit metingen van het Europese Milieuagentschap.
De vervuiling met nutriënten blijft echter hardnekkig en raakt onmogelijk opgelost voor 2020. Eutrofiëring of voedselverrijking is al jaren een hardnekkig probleem voor de zeeën rond de Europese Unie. Het wordt vooral veroorzaakt door overbemesting in de landbouw, waardoor nitraten en fosfaten in de zee terechtkomen en algenbloei stimuleren.
Baltische Zee
De Unie had zichzelf tot doel gesteld om de zeeën gezond te maken tegen 2020 en dus ook eutrofiëring aan te pakken. Maar uit nieuwe cijfers van het Europese Milieuagentschap blijkt dat er nog een lange weg te gaan is.
Volgens het rapport heeft nog altijd een oppervlakte van 563.000 vierkante kilometer een probleem met eutrofiëring. De situatie is het ergst in de Baltische Zee, waar 99 procent van de bestudeerde gebieden lijdt onder het probleem. Op de tweede plaats komt de Zwarte Zee met 53 procent. Ook in het noordoosten van de Atlantische Oceaan (7 procent) en sommige delen van de Middellandse Zee (12 procent) houdt het probleem aan. De vervuiling is meestal het grootste in de buurt van dichtbevolkte gebieden en de monding van rivieren die langs landbouwgebied stromen.
Langzaam herstel
De conclusie van het agentschap is tegelijk positief en negatief: de zeeën rond Europa herstellen zich langzaam van het probleem, voornamelijk door de inspanningen van de voorbije decennia om de overbemesting in de landbouw aan banden te leggen. Maar die maatregelen zijn niet sterk genoeg, en veel van de doelstellingen die de EU zichzelf heeft opgelegd, zullen niet op tijd gehaald worden.
Het EEA pleit daarom voor sterkere inspanningen tegen overbemesting en vervuiling met nutriënten om de Europese zeeën gezond te maken, met name in de meest gevoelige gebieden. Het rapport pleit er ook voor om meer rekening te houden met de verwachte impact van de klimaatverandering.