Techniekonderwijs weer in de lift: laat ze bouwen aan een e-kart en ermee wedstrijdracen
Redacteur: Jan H.F. van der Heyden; jan@dommelmeander.nl; foto Brainport Development

In de Noord-Brabantse regio Helmond – de Peel wordt hard gewerkt om het technisch onderwijs weer in de lift te krijgen. Er is namelijk een schreeuwend tekort aan technische vakmensen. Dus wordt alles ‘uit de kast’ gehaald om techniekonderwijs een beter imago te geven. Want vieze handen krijgen van ‘techniek’ – het oude imago – is al lang niet meer.  Zoals techniekdocent Geert Aben van het Hub van Doornecollege in Deurne (NB) het verwoordt: “De tijden zijn veranderd: de scholieren leren nu over elektrische voertuigen. Zij maken mee dat de verbrandingsmotor eruit gaat.” Zijn school heeft daarom bewust gekozen om met de leerlingen uit de derde en vierde klas ‘autotechniek’ mee te doen aan de landelijke First Electro League (FEL). Tijdens de First Electro League vormen scholieren een raceteam rond een elektrisch aangedreven superkart. De scholieren onderhouden de kart en racen ermee. Belangrijkste opdracht is het technisch doorontwikkelen van de e-kart. Techniekonderwijs dus in optima forma.

Irma van Nieuwenhuijsen is rector van het Varendonck college in Asten en Someren (NB). Daarnaast is ze penvoerder van de Sterk Techniekonderwijs (STO) regio Helmond – de Peel. Hoe jonger, hoe beter. En dus richt STO zich in de Peelregio al op de basisschoolkinderen vanaf groep 6. Een bewuste keuze volgens de penvoerder. “Als je wilt dat kinderen voor techniek kiezen, moet je de piramide zo breed mogelijk maken”, zegt ze. “Hoe meer kinderen je enthousiast maakt voor techniek, hoe groter de kans dat er ook daadwerkelijk meer gaan kiezen voor een opleiding in deze richting. Daarom maken wij dus een bewuste keuze in de richting van het primair onderwijs.”

“Het doel is beleving: kinderen moeten voelen, proeven, ruiken en ervaren.”

Net zoals bij de andere STO-regio’s, wordt ook in de Peel het belang van samenwerken benadrukt. Projectleider Rianne van den Broek: “We gaan met het primair onderwijs om tafel én we praten met de leerlingen. Hoe kijken zij tegen techniek aan? Een extra accent ligt er daarbij op de meisjes. Die staan toch vaak -nóg- steeds wat verder van techniek af.”
De gesprekken hebben geleid tot een aantal nieuwe activiteiten. Zo hebben leerlingen al kennisgemaakt met een zorgrobot en is er gevlogen met drones. “Het doel is beleving”, benadrukt Rianne. ‘De kinderen moeten voelen, proeven, ruiken en ervaren. Dat wekt interesse op en die interesse kan de basis vormen voor een mogelijke keuze van een technisch profiel.”

“Die beleving, die trots, dat is geweldig.”

Ook op het voortgezet onderwijs lopen diverse projecten. Zo wordt ingezet op de vernieuwing en uitbreiding van de technische middelen op de scholen. Daarnaast vinden er activiteiten plaats mét het bedrijfsleven. Rianne: “In Deurne wordt bijvoorbeeld aan de hand van innovatieve opdrachten gewerkt aan een kart. Samen met engineers en bedrijven gaan leerlingen aan de slag met het aanpassen van het technische systeem, maar ook met bijvoorbeeld het spuitwerk. De leerlingen gaan zelf mee de spuitcabine in, mogen veel zelf doen. Die beleving, die trots, dat is geweldig.’

Daarmee verwijst Rianne naar het Hub van Doornecollege.  Daar wil de Deurnese school samen met Vakcollege Helmond en het Varendonck College in Someren het techniekonderwijs verbeteren via Sterk Techniek Onderwijs regio de Peel: de jeugd moet weer enthousiast worden over techniek. En wat is er dan mooier dan een elektrische kart die scholieren zelf mogen ontwikkelen én die echt meedoet aan wedstrijden? Daar is het hele project voor bedoeld: trots zijn op techniek en het imago ervan opvijzelen. Techniekdocent Geert Aben vertelt er in het Eindhovens Dagblad vol enthousiasme over: „We merkten dat ouders hun zoon niet in de fabriek willen zien staan. Techniek heeft een imago van vieze handen, het staat niet goed op de kaart.”

Met een oud frame van een kart aan de slag

Hij startte het project vorig jaar met vier jongens uit de vierde en vier jongens uit de derde klas, die bij het vak autotechniek goed presteerden. Met een oud frame van een kart gingen de scholieren aan de slag. Vanwege corona ging na één race de rem erop, maar dit schooljaar staan er acht races op het programma. 
Na elke race komt er vanuit de FEL een opdracht, zodat de jongens de kart moeten blijven ontwikkelen. Die moet dan bijvoorbeeld de race erna lichter zijn qua gewicht. En het project overstijgt de techniekles: het ontwerpen van de kleding, de kart en het logo van het team zijn in het lesrooster ondergebracht bij CKV (Culturele en Kunstzinnige Vorming), het opstellen van verslagen of brieven aan lokale bedrijven bij Nederlands.

“De jongens regelen alles zelf.”

“De jongens regelen alles zelf”, vertelt Aben. “Ze hadden een promofilmpje gemaakt voor bedrijven in de regio, voor materialen die ze nodig hadden. Ineens kwam er van alles binnen.” Een lakspuiterij zorgde voor een nieuwe look, voor elke racedag stelt een ander bedrijf een bus en aanhangwagen ter beschikking en ook de kleding is gesponsord. 
“De jongens zijn er in de vakantie zelfs voor teruggekomen. Dat enthousiasme is zo gaaf om te zien”, zegt Aben. “Hier hebben ze eer van hun werk.”

Hoogtepunten van het leerprogramma zijn de circuitdagen

De First Electro League (FEL) bestaat uit raceteams van verschillende scholen. Elk raceteam bestaat uit coureurs, monteurs, een teamleider en PR-medewerkers die voor publiciteit en extra sponsors zorgen. Het team werft zelf inkomsten voor de aanschaf van onderdelen, stickers en teamkleding.
Scholieren zijn twee jaar aan het kartteam verbonden. In het eerste jaar maken de scholieren een businessplan. De aandacht gaat dan vooral uit naar PR, sponsoring, veiligheid en organisatie. Ook krijgen leerlingen inzicht in de basisprincipes van elektrisch rijden, accutechnologie en duurzame mobiliteit. In het tweede jaar is er vooral ruimte voor echte innovatie en bijdragen aan technische verbeteringen. De teams voeren elk schooljaar technische opdrachten uit die de organisatie centraal beschikbaar stelt. Hoogtepunten van het programma zijn de circuitdagen. Dan rijden de scholieren tegen teams van scholen uit de rest van Nederland.

Natuurkunde, wiskunde, economie en marketing zijn goed te koppelen aan het voertuig

Havo/VWO-scholieren maken in hun laatste schooljaar een profielwerkstuk. De karts bieden hiervoor talrijke mogelijkheden. Zo zijn vakken als natuurkunde, wiskunde, economie en marketing goed te koppelen aan het voertuig. Op het VMBO en MBO biedt de kart als lesmateriaal de mogelijkheid praktijkuren te maken als alternatief voor een stage. De verbeteropdrachten aan de kart zijn om te zetten tot lesmateriaal en leerlingen kunnen via het werken aan de kart hun Proeve van Bekwaamheid afleggen. 

Als je regelmatig en graag goed nieuws leest, dan is nu een goed moment om ons te steunen. Goed Nieuws is gratis toegankelijk voor iedereen en wordt gefinancierd door lezers. Elke bijdrage, hoe groot of klein ook, geeft voeding aan onze journalistiek en verzekert de toekomst van goednieuws.be. Steun Goed Nieuws al vanaf 1 euro – het duurt maar een minuutje. Dank je.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Recente berichten

Onze sponsors

Jouw logo hier?

Goed Nieuws werkt op basis van vrijwilligers. Om onze kosten te dekken, zijn wij op zoek naar sponsors.

Herken je jezelf in de visie van Goed Nieuws en wil je sponsor worden? Neem dan contact met ons op.

Meer
berichten