Tot nu toe wordt bij verdenking van longkanker een ‘stukje’ weefsel verwijderd en onder de microscoop onderzocht. Dit kan in de toekomst veranderen. Sylvia Roovers-Genet onderzocht tijdens haar promotieonderzoek aan de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e) eiwitten in het bloed van mensen met, zonder en met mogelijke longkanker en ontwikkelde daarmee een methode om via bloedonderzoek longkanker aan te tonen. Deze methode kan in de toekomst ontwikkeld worden, met als doel deze geschikt te maken voor het voorspellen van longkanker.
Sylvia verrichttehaar onderzoek in nauwe samenwerking met collega’s van het Catharina Ziekenhuis en het Máxima Medisch Centrum in Eindhoven/Veldhoven. Het doel was om te zoeken naar karakteristieke eiwitten (markers) in het bloed van longkankerpatiënten. Zij vertelt: “Het is belangrijk om te weten dat mensen vaak over longkanker praten alsof het één ziekte is, terwijl er eigenlijk veel verschillende vormen zijn. Ieder met zijn eigen behandeling en aanpak. Voor een longarts is het dus vooral belangrijk om te weten met welke variant hij of zij precies te maken heeft.”
Huidige aanpak
“Momenteel bestaat er een gouden standaard om te bepalen of iemand longkanker heeft. Bij verdenking is de eerste stap een scan, zoals CT of PET CT. Deze geeft inzicht in de herkomst van klachten en waar eventuele kankercellen of een tumor zitten.”
De tweede stap is een biopsie. “Om er zeker van te zijn dat het om kanker gaat en niet om een andere aandoening, is een biopsie van longweefsel nu de enige manier om zekerheid te bieden. Maar dat bewijs van tumorcellen kan niet altijd worden verkregen. Soms zijn mensen te oud of te ziek en is de biopsie zelf te riskant voor hun gezondheid. En soms weigeren mensen de procedure te ondergaan.”
Op zoek naar een nieuwe methode
“Daarom zijn we op zoek gegaan naar een methode die veel minder ingrijpend is voor patiënten. Bloedafname is veel minder pijnlijk en riskant. Vooral voor de risicogroep longkanker, waar roken en leeftijd de belangrijkste risicofactoren zijn”, aldus Sylvia.
Voor het onderzoek was het belangrijk om in ieder geval bloed te onderzoeken van drie groepen mensen: met, zonder en met mogelijke longkanker. “Maar liefst zes Nederlandse ziekenhuizen werkten mee aan het onderzoek door patiënten te vragen of ze mee wilden doen als ze met een vermoeden van longkanker bij de longarts kwamen. Vervolgens werden relevante patiëntgegevens geregistreerd en werd hun bloed onderzocht om de eiwitten vast te stellen.”
Uiteindelijk hebben ruim duizend mensen aan het onderzoek deelgenomen. Vanwege de omvang van die groep zijn de resultaten uit het promotieonderzoek van Sylvia zeer betrouwbaar. Het was bijvoorbeeld interessant om te zien dat bij dertien procent van de patiënten de huidige ‘gouden standaard’ niet met zekerheid kon vaststellen of deze patiënten al dan niet longkanker hadden. Voor deze patiënten kan bloedonderzoek in de toekomst wellicht een oplossing bieden. Met ‘gouden standaard’ in de geneeskunde wordt het onderzoek bedoeld waarmee een bepaalde aandoening met de grootst mogelijke mate van zekerheid kan worden vastgesteld.
Eiwitanalyse om longkanker aan te tonen
Het patiëntenonderzoek leverde een enorme database op waarmee Sylvia en collega-onderzoekers konden werken. “We hebben nieuwe detectiemethoden ontwikkeld voor het kwantificeren van twee veelbelovende longkanker-eiwit-tumormarkers op basis van vloeistofchromatografie-tandemmassaspectrometrie. Dit is een methode die kijkt naar het gewicht van eiwitten in het bloed en zo tumormarkers herkent. Hierdoor konden we deze markers zelfs bij zeer lage concentraties in het bloed van patiënten met longkanker detecteren. De nieuwe methoden kunnen helpen bij vervolgstudies om erachter te komen of gebaseerde detectie ook waarde kan toevoegen in de klinische praktijk in het ziekenhuis vergeleken met de huidige methoden”, aldus Sylvia.
Stap dichter bij de huisartsenpraktijk
Om de stap naar het ziekenhuis of de klinische praktijk te vergemakkelijken, ontwikkelden Sylvia en collega’s niet alleen de diagnostische methode, maar ook een beslisalgoritme voor huisartsen. “Het is niet één kenmerk waar je als huisarts op moet letten, maar een combinatie van factoren. Daarom helpen wij huisartsen de bloeduitslagen correct te interpreteren volgens onze methode. Met onze methode, gebaseerd op bloedonderzoek, kunnen we nu voor twee derde van de patiënten met minimaal 95 procent zekerheid zeggen dat ze longkanker hebben.”
Gevraagd naar de praktische toepassing blijft Roovers terughoudend. “We hebben nu wetenschappelijk bewezen dat longkanker in bloed kan worden aangetoond. De volgende stap is altijd een validatieonderzoek in de praktijk (de geldigheid vaststellen). Dat wordt opgezet en opgepakt door een samenwerking van de TU/e, het Catharina Ziekenhuis en het Máxima Medisch Centrum.”
Een prikje bij de huisarts?
En daarna? Gewoon naar de dokter gaan en een bloedonderzoek laten doen om erachter te komen of je longkanker hebt? “Wie weet”, glimlacht Sylvia. “Maar voorlopig is het nog niet zo ver weg. Vergis je niet: longkanker is helaas nog steeds zeer dodelijk. Na vijf jaar leeft nog slechts 19 procent van de mensen met longkanker. Het zou dus mooi zijn om juist deze vormen van kanker eerder op te sporen, zodat ze beter behandeld kunnen worden.”


