Dankzij een doorbraak van een VUB-onderzoeker kunnen defecten bij windturbines voortaan met 80 procent zekerheid voorspeld worden, nog voor ze zich voordoen. Dat maakt windenergie betrouwbaarder en rendabeler, en draagt bij aan een versnelde energietransitie.
Dr. Xavier Chesterman ontwikkelde een intelligent systeem dat op basis van data en artificiële intelligentie (AI) defecten opspoort in de aandrijflijn van windturbines. Zijn doctoraatsonderzoek focuste op zogenaamde condition monitoring: met behulp van sensoren en slimme algoritmes kan de toestand van turbines continu bewaakt worden.
Door het analyseren van temperatuurgegevens en patronen in afwijkend gedrag, kan het systeem voorspellen welke onderdelen binnenkort defect zullen gaan – vaak de generator, versnellingsbak of lagers. Als deze voorspelling tijdig gebeurt, kunnen de onderdelen vervangen worden tijdens geplande onderhoudsbeurten. Dat voorkomt onverwachte stilstand, wat voor exploitanten grote kosten met zich meebrengt.
Gemiddeld valt een offshore windturbine 8,3 keer per jaar uit. Dankzij de nieuwe methode kan dat aantal drastisch dalen. Het systeem werd gevalideerd met data uit drie operationele windparken in de Noordzee en de Baltische Zee. De resultaten tonen aan dat bepaalde defecten met een nauwkeurigheid van 80 procent voorspeld kunnen worden.
In zijn postdoctoraal onderzoek wil Chesterman de technologie nu uitbreiden naar andere machines, zoals compressoren of landbouwvoertuigen. Het potentieel van voorspellend onderhoud is immers veel breder inzetbaar.
Waarom vinden we dit goed nieuws?
We vinden dit goed nieuws omdat het nauw aansluit bij de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties. Deze technologische innovatie draagt sterk bij aan SDG 7: Betaalbare en duurzame energie en SDG 9: Industrie, innovatie en infrastructuur. Door windenergie betrouwbaarder en goedkoper te maken, versnellen we de overgang naar hernieuwbare energie en bouwen we aan een robuustere en slimmere infrastructuur. Het slim inzetten van AI verlaagt bovendien de ecologische en economische kost van onderhoud, wat zowel het klimaat als de energieproducenten ten goede komt.


