De Materialenbank heeft in 2025 een nieuw record gebroken met 470 ton gerecupereerde bouwmaterialen. Daarmee verdubbelt ze bijna haar resultaat van 2024 en bevestigt ze haar rol als spil in de Leuvense circulaire economie.
In totaal werd 470 ton aan bouwmaterialen gered van de afvalberg. Dat is bijna twee keer zoveel als in 2024 en ruim tien keer meer dan in 2021, het startjaar van de Materialenbank. Maar liefst 95% van die gerecupereerde materialen kreeg effectief een tweede leven.
De Materialenbank zamelt materialen in uit uiteenlopende bronnen. In 2025 ging het om 226 ton uit afbraak- en ontmantelingsprojecten, 95,5 ton uit de transportindustrie, 92,4 ton uit reststromen uit de industrie en 57,4 ton lokaal hout.
Hout blijft grootste materiaalstroom
Meer dan 400 ton van het totaal bestond uit verschillende types hout: balken, kepers, planken, plaatmaterialen, terras- en gevelbekleding, meubelhout en parket. Daarnaast werden ook 35,5 ton natuur- en kunststeen, 12 ton schrijn- en glaswerk, 7,2 ton isolatiemateriaal, 6,1 ton elektrische, sanitaire en verwarmingselementen en 3,5 ton metalen gerecupereerd.
“De focus vorig jaar lag op het uitbouwen van een standaard assortiment rond vijf houtproducten”, duidt August Smessaert, coördinator van de Materialenbank. “Het is dus logisch dat hout zeer sterk vertegenwoordigd was vorig jaar. Dit jaar willen we het aanbod isolatiemateriaal, steenfracties, metaal en binnen- en buitenschrijnwerk uitbreiden.”
Logische partner voor stadsprojecten
Ook bij grotere stadsprojecten groeit de samenwerking. Het voorbije jaar werkten de stad en de Materialenbank samen voor de ontmanteling van enkele panden op de Knoop van Kessel-Lo, goed voor zo’n 15,5 ton aan bouwmaterialen. Het serrecomplex in het Heuvelhofpark leverde 12,8 ton aan serreglas, houten balken en stalen profielen op.
“Veel van deze materialen zijn nog in goede staat. Het is echt zonde om die bij het afval te gooien”, vertelt schepen van klimaat en duurzaamheid en afvalbeleid Thomas Van Oppens. “De Materialenbank is een belangrijke schakel om van Leuven een circulaire stad te maken, waar we spaarzaam omspringen met kostbare grondstoffen en materialen maximaal hergebruiken. Door de internationale spanningen is het bovendien meer dan ooit belangrijk dat we minder afhankelijk worden van andere landen voor grondstoffen.”
“De Materialenbank is op enkele jaren tijd uitgegroeid tot een begrip in het Leuvense”, zegt Van Oppens. “Los van de indrukwekkende groeicijfers, zien we ook dat ze de logische partner zijn geworden bij grote bouw- en renovatieprojecten van de stad. Zij en iedereen die doneert, aan- en afneemt van de Materialenbank dragen bij aan de enorme stap voorwaarts die we aan het zetten zijn op vlak van circulariteit.”


